In de steek laten

Op zondagochtenden wandel ik altijd met een stel vriendinnen. Deze keer zijn we met zijn vijven. Twee van ons lopen voorop en ik loop daar achter met de andere twee; Hilde en Riet. We zetten er stevig de pas in, want het is behoorlijk koud. Na verloop van tijd gaat Riet een beetje langzamer lopen. Ik denk dat ze liever wat meer corona-afstand houdt, want met zijn drieën naast elkaar op het pad is best wel krap. Na een poosje kijk ik nog een keer achterom en zie dat de afstand groter is geworden. “He, wat vreemd,” denk ik. “Zou er wat zijn? Zo dadelijk toch even teruglopen en vragen of er iets aan de hand is.” Maar als ik even later weer omkijk, zie ik haar niet meer. “Ho, wacht even, Riet is verdwenen!” roep ik. We staan allemaal stil. Riet is in geen velden of wegen te zien. We besluiten terug te lopen. “Jeetje, ze zal zich toch niet in de steek gelaten hebben gevoeld doordat wij zo snel doorliepen?” zeg ik. “Welnee” zeggen de anderen, “misschien was ze gewoon moe.”
We lopen helemaal terug en komen haar dan tegen in de stad, waar ze op een bankje een kopje koffie-to-go zit te drinken. Ze vertelt dat ze last kreeg van haar rug en ons tempo daardoor niet kon bijhouden. Ze heeft nog geroepen, maar we hoorden haar niet. “Vond je het niet vervelend om zo alleen terug te lopen?” vraag ik haar. “Welnee,” zegt ze, “ik kon het gewoon niet meer bijbenen en wilde mezelf geen geweld aandoen.” Oké, dat was dat. We drinken nog een kopje koffie en gaan dan weer naar huis.

Maar thuisgekomen blijkt dat ik het voorval niet kan loslaten. Het zit me niet lekker. Ik geloof gewoonweg niet dat Riet zich niet in de steek gelaten heeft gevoeld. Dat wil er bij mij niet in. Dus ik leg het voorval als het ware onder een microscoop om nog eens heel nauwkeurig na te gaan wat er bij mij gebeurde.

Wat natuurlijk meteen opvalt, is dat ik er direct van uitga dat Riet zich in de steek gelaten moet hebben gevoeld. Waarom denk ik dat? De anderen denken dit immers niet. Waar komt mijn veronderstelling vandaan? 
Heel eenvoudig: uit mijzelf. Nu ik zo microscopisch napluis wat er bij mij gebeurde tijdens dit voorval, zie ik het volgende: als ik zie dat de afstand met Riet groter is geworden vraag ik me meteen af wat er met haar aan de hand is, maar ik loop niet terug om haar dat te vragen. Dat voelt als in de steek laten. Door me voor te nemen even later wél terug te lopen duw ik dat gevoel weg. Ik voel het daardoor niet meer, maar dat het wel degelijk bestaat blijkt even later, wanneer het buiten me verschijnt in de vorm van een projectie: ik veronderstel dat Riet zich in de steek gelaten voelt.

Een projectie dus, compleet met de belangrijkste eigenschap van projecties: je wilt ze niet opgeven! Ik geloof Riet dus niet als ze zegt dat ze zich niet in de steek gelaten voelt.  
En waarom niet? Omdat ik, als ik haar wél zou geloven, moet toegeven dat ik mijn eigen gevoel projecteer en dat wil ik niet. Ik wil niet voelen dat ik Riet in de steek liet. Dat is te pijnlijk. Maar het gevoel was er wel, al was het maar een fractie van een seconde. Met de microscoop erbij kan ik het nu ook duidelijk onderscheiden: ik koos ervoor om door te lopen met Hilde en liep niet terug naar Riet. Niet gemakkelijk om toe te geven.
En ook, als ik bedenk dat Riet zich misschien wél afgewezen voelde, maar dat niet wilde toegeven; ook, als ik aanneem dat ze zich groot wilde houden tegenover ons, wat natuurlijk heel goed mogelijk is, dan nog moet ik erkennen dat ik dit zo voel. Het doet eigenlijk helemaal niet ter zake wat Riet al dan niet voelt of ontkent. Het gaat erom dat ík toegeef dat ík dit zo voel. In therapie-termen: projecties moet je toe-eigenen. Niet gemakkelijk.

Wat het nog lastiger maakt is dat ik, nu ik dit zo voel, ogenblikkelijk de behoefte krijg om het er met Riet over te hebben. Ik zou haar willen laten weten dat het me spijt dat ik niet even ben teruggelopen. Maar hoe? Er schieten me formuleringen te binnen in de trant van: “Sorry dat ik niet even….., ik hoop maar dat je…..,” en dergelijke. Durf ik dat? Het klinkt allemaal wel erg zwaarwichtig. En zo erg was het nu allemaal toch ook weer niet? Ze voelde zich niet eens in de steek gelaten. Jeetje, wat een moeilijk gedoe… 

Maar dan opeens zie ik nog iets dat zeker zo belangrijk is: ik zie dat ik niet zozeer Riet, maar vooral mezélf in de steek heb gelaten! De impuls om naar haar toe te gaan was een impuls uit mijn hart, uit mijn zorg voor haar. Die impuls heb ik genegeerd. Ik ben mezelf ontrouw geweest. Ook weer niet gemakkelijk om onder ogen te zien.
Ik moet het er niet alleen met Riet, maar zeker ook met mijzelf over hebben. Ik zal de verbinding met mijn hart weer moeten herstellen. Ik hoor het me al zeggen: “Lief hart, ik heb niet naar je geluisterd. Ik heb je impuls in de wind geslagen. Wat spijt me dat.” En ik hoor ook het antwoord al: “Natuurlijk, zulke dingen gebeuren. Spijtig voor nu. Volgende keer beter.” 

Ik geef toe: dit was een heel pietluttig voorval. Te onbenullig om het er over te hebben. Toch heb ik ervaren dat het vaak zinnig is om dergelijke gebeurtenissen wél even ter sprake te brengen. Veel vriendschappen gaan schuren en kraken na dergelijke ogenschijnlijk onbelangrijke voorvallen. Er zijn dan kwetsuren opgelopen die niet bewust zijn opgemerkt, daardoor onbesproken zijn gebleven, maar die wel degelijk doorwerken in de relatie: opeens is de openheid of vanzelfsprekendheid verdwenen. Ik denk dat het mijn vriendschap met Riet zeker ten goede zal komen als ik haar, al is het maar heel kort, vertel wat er in mij omgaat.

foto’s: Riekje Boswijk

29 reacties op “In de steek laten”

  1. Anca Schippers

    Dank je wel, Riekje, voor je open hartigheid!
    Heel leerzaam om te ontdekken, hoe projecties werken en hoe hardnekkig ze zijn.
    Onder de microscoop leggen, ze jezelf toe-eigenen. (Om) buigen…
    Een mooie, ware les voor mij

  2. Cuong Lu noemt dit de dharmascoop. Ik heb lang geleden van jou en Jan geleerd om zo te kijken. Het is zo waarachtig en liefdevol, jezelf en de ander zo te eren.
    Fijne zondag!

    1. Ik begrijp niet helemaal hoe de dharmascoop werkt , maar zo te horen is er niets nieuws onder de zon. En ja, het is belangrijk om zorg te hebben voor zowel jezelf als de ander.

  3. Dank je wel Riekje. Zo herkenbaar en leerzaam om jouw ervaring te lezen. Minder “slordig” en meer zorgvuldig zijn.

  4. Oh wat fijn en inspirerend om dit hele precieze uitpluizen zo te lezen. Dat is voedend voor me! Dank Riekje!

  5. lieve Riekje, wat heerlijk, zo’n pluizer-verhaal van jou. Tot op de draad, wat herken ik je daarin en wat deel ik je gevoel hoe belangrijk het voorval eigenlijk is en hoe ogenschijnlijk die pietluttigheid.
    Ik kan het niet laten om je een voorval te vertellen uit mijn opleidingstijd bij jullie, het supervisiejaar om precies te zijn. We hadden toen ‘huiswerkgroepen’ die los van de opleidings-weekenden in (toen nog) Hurwenen, bij iemand thuis gehouden werden. Die bijeenkomsten organiseerden we zelf. Opeens ontstond er, tussen de bedrijven door, een klein groepje, dat ad hoc een bijeenkomstje organiseerde met een aantal van ons, geen vast groepje, thuis bij iemand, gewoon tussen alles door. Ik zat daar bij. Maar toen dat een van de anderen ter ore kwam werd die daar heel boos/droevig van, omdat we haar er niet bij hadden gevraagd. Ik vond dat nogal overdreven, maar zij wond er zich behoorlijk over op.
    Wat jij toen deed zal ik nooit vergeten en geef ik nog weleens als voorbeeld bij situaties van projectie. Je vroeg aan mij: “Nelleke, kan je je voorstellen dat J zich gepasseerd voelt en over het hoofd gezien? …. Ja, natuurlijk kon ik dat als ik me even in de persoon J indacht. Ik ben de eerste die zich, niet alleen in zo’n, maar in elke toestand gepasseerd en over-het-hoofd gezien voelt, dus ik kon me dat levendig voorstellen. En “J”, ging je door, “kan jij je voorstellen dat Nelleke zich er wat over verwondert dat jij je hierover zo opwindt?”… Ja, natuurlijk kon J zich dat goed voorstellen, zij was iemand die niet zo gauw ‘moeilijk’ deed over dingen…
    Probleem opgelost!
    We hadden allebei even door de ogen van de ander kunnen kijken en feilloos gezien hoe de situatie er dan uit zag. Hoe simpel kan het zijn…

    O ja, …. bedankt nog!
    Nelleke

    1. Goh, wat bijzonder, die herinnering. En ook heel bijzonder dat het jou en die J lukte om door de ogen van de ander te kijken. Want het is vaak heel moeilijk om je eigen zicht los te laten.

  6. Joke Castelijn

    Ha lieve Riekje,

    Wat een mooie beschrijving van jouw reflectieproces met de thema’s: projectie, in de steek gelaten voelen/in de steek laten, luisteren naar je hart, trouw zijn aan jezelf, vergeving…..
    En ja, zo werkt het dus. En we zijn ons er niet altijd zo van bewust.

    Dank je wel voor ‘het verhaal’ en het delen. Het inspireert mij, in vergelijkbare situaties, ook zo eerlijk te kijken naar wat er nu precies innerlijk gebeurt.

    Lieve groet,
    Joke

  7. Marchien Bouwmeester

    Ik zou me in eerste instantie schuldig voelen en in tweede instantie zou ik het bespreken. schuldig voelen is pijnlijk en soms weet ik niet wat ik ermee moet, een voortdurend proces,
    Lief hart heb je Riekje!
    Een warme groet,
    Marchien

    1. Als je je schuldig voelt maak je het te zwaar. Je bent niet verantwoordelijk voor de reactie van de ander. Voor mij ging er het in dit voorbeeld vooral om dat ik niet deed wat ik eigenlijk wel had willen doen. Dat speet me.
      Schuldgevoel ontstaat vaak doordat je jezelf veel te hoge eisen stelt en denkt dat de ander die eisen ook aan je stelt.
      Als je vanuit je hart naar jezelf kijkt zul je altijd zien dat je het beste doet wat je kunt en dat dat vaak niet perfect is. Zie jezelf als een leerling en niet als een schuldige.

  8. mooi en moedig – zoeken tot de waarheid bloot komt te liggen en je daarna dan afvragen wat wel en niet gedeeld moet worden – ik ben erg voor delen, maar vaak is het ook goed om zelf je punt te zetten en te containen.
    moed is bij dit alles ook zo belangrijk: om te doen wat je echt doen moet.

    1. Je hebt gelijk: soms is het niet nodig om te delen. Als je er vanuit gaat dat iedereen zijn best doet kun je elkaar ook goed gezind blijven zonder alles uit te spitten. Ik ken therapeuten die in hun dagelijks leven alles voortdurend tot op het bot willen uitzoeken en bespreken. Het dagelijks leven wordt dan een soort therapiegroep. Niet aan te bevelen!

  9. Wat een geluk, zowel voor jezelf als je omgeving, als je zo wijs met jezelf en de ander kunt omgaan. Dat is niet iedereen gegeven…En het is zó belangrijk! Ik wens ons mensdom veel wijze mensen toe…
    Dankjewel Riekje voor jouw er-zijn!

  10. Lieve Riekje,
    Je verhaal heeft dit keer ‘in me rondgezongen’. Ik heb het als een soort reminder ervaren, ook als een voorbeeld: diep kijken, zo kan dat, zo concreet. Ik zie het als gericht onderzoeken, analytisch haast, stap voor stap en dan: helderheid. Het roept een warm gevoel bij me op: zo mooi.
    Een aansporing voor mij deze wijze van diep kijken toe te passen, te proberen.
    Dank!

    1. Wat bijzonder dat je mijn verhaal in je hebt laten ‘rondzingen’ en dat het je inspireert om jezelf ook op deze manier te onderzoeken. Het gaat je vast veel opleveren.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *